Geschiedenis van de discomuziek:

De jaren zeventig zijn het tijdperk van de disco. Disco komt van het woord discotheek en vindt zijn oorsprong in Parijs, maar de bakermat van discomuziek is Amerika – en dan met name de steden Philadelphia en New York. 

De term ‘disco’ komt uiteraard van discotheek, wat net zoals bibliotheek voor boeken, een soort verzamelplek is voor grammofoonplaten en later CD’s. “Discotheek” werd in het Frans gebruikt voor een soort nachtclub in Parijs, waar ze tijdens de nazi-bezetting begin jaren ’40 grammofoonplaten afspeelden. Sommige clubs gebruikten ‘discotheek’ als naam voor hun zaak. In 1960 werd het ook gebruikt om een Parijse nachtclub in een Engels tijdschrift te beschrijven. 
 
Jong, oud, zwart, wit, hetero en homo – disco is voor iedereen. Disco vermengt invloeden uit de funk, soul en salsamuziek en heeft een makkelijke vierkwartsmaat, zodat je er helemaal los op kunt gaan. Ook wel four on the floor genaamd.

In tegenstelling tot veel andere genres hebben de teksten geen maatschappelijke inhoud. De teksten zijn vaak simpel en verre van kritisch. Disco is bedoeld om op te dansen – in hotpants, broek met wijde pijpen, vrolijke kleuren en hoge kapsels. De bewegingen zijn gemakkelijk, zoals het heen en weer wijzen met je armen en het maken van zwembewegingen. 

In het New Yorkse nachtleven floreert de discoscene, onder andere door zangeres Donna Summer. Zij krijgt de bijnaam Koningin van de Disco, omdat ze disco hit na disco hit uitbrengt.

Contact gegevens:

Tom Jacobs | Tel: 0624618443

www.jacobsindeochtend.nl

studio@jacobsindeochtend.nl

of via social media. 

Facebook | Instagram

Geschiedenis van de discomuziek in vijf radioprogramma delen: